advertentie

We rijden bij Dover de boot af. Dertien jaar geleden heb ik wel eens links gereden in Australië, maar dit was meestal ’s nachts, wanneer het erg rustig is op de weg, als Bob en we reden een oude Holden Commodore Automaat. Geen kunst aan. Nu zijn de eerste kilometers in Dover hectisch. Het is irritant druk en we voelen ons erg kwetsbaar in ons Fiat 500tje tussen de grote vrachtwagens. Bij de eerste rotonde schrikken we ons kapot: we kijken beiden de verkeerde kant op, links, en zien vervolgens net op tijd dat er een auto van rechts komt. We schrikken zo dat we vanaf dat moment extra alert en oplettend in de auto zitten en dat het links rijden geen issue meer is. De rondreis door Engeland en Wales is begonnen!

South West Coast Path

Het South West Coast Path loopt van Minehead naar Poole Harbour, de zuidwest kust van Engeland, en is 1014 kilometer lang. Wij lopen twee etappes, namelijk van Lynmouth naar Combe Martin en van Combe Martin naar Woolacombe. Het is een prachtig en zeer goed aangegeven pad. Het teken van het South West Coast Path, een eikeltje, is goed te volgen.

Ondanks de hitte is het overweldigend mooi: vergezichten, diepblauwe zee, rotsen, kleine strandjes, hazelworm en zeehonden

Net als in Nederland is het die dagen ziedend heet in Engeland. Het kwik komt boven de dertig graden uit. Het is steeds zoeken naar een boompje langs het pad om weer even in de schaduw te kunnen staan. De paden lopen over hoge kliffen, door weilanden en langs de vele erfafscheidingsmuurtjes. Regen, storm en een nat pak hadden we verwacht. Een nat pak hebben we, maar niet van de regen. Ondanks de hitte is het overweldigend mooi: vergezichten, diepblauwe zee, rotsen, kleine strandjes, hazelworm en zeehonden.

In Combe Martin slapen we in een bed and breakfast en in Woolacombe is er alleen nog maar plek in een slecht hotel boven een pub. Waar we Engeland eerder in de vakantie al van Zweden zien winnen op een tv in de tuin van een pub, zien we nu in een volle pub de WK-wedstrijd Engeland tegen Kroatië. Al snel komt Engeland op voorsprong en de volle pub is uitzinnig van vreugde. Engeland laat Kroatië langszij komen en uiteindelijk gaat Kroatië er met de winst vandoor. Er wordt behoorlijk wat gescholden in de pub en een aantal gaat meteen naar huis. Het overgrote deel loopt naar de bar en bestelt een nieuwe pint. Ondanks het verlies, een mooi Engels avondje.

Hiken in Engeland
Uitrusten tijdens hike over South West Coast Path. Foto: Maarten Groeneveld

Spel van licht en schaduw in de Brecon Beacons

Het Nationaal park Brecon Beacons verkennen we vanaf een kleine camping aan de rivier dichtbij het stadje Brecon. Er lopen meer kippen op de camping dan campinggasten. Het is dan ook oppassen dat ze je broodje niet wegpikken als je aan het ontbijten bent. De hoogste berg van de Brecon Beacons is de Pen y Fan met 886 meter. Je kunt hem van verschillende kanten beklimmen, wij doen op aanraden de lange en rustige route, vanuit Cwm Gwdi. Geen idee hoe je dit uitspreekt.

Waar het bereiken van een top vaak veel voldoening geeft en tevens erg mooi is, valt nu mijn mond van verbazing open

Het is in ieder geval totaal anders dan je nu denkt. We komen veel schapen en nog twee andere wandelaars tegen. De laatste tweehonderd meter zijn erg steil en moet je klauterend naar boven. Waar het bereiken van een top vaak veel voldoening geeft en tevens erg mooi is, valt nu mijn mond van verbazing open. We komen boven en wat blijkt, er staan al wel honderd man op de top. Hele gezinnen, zelfs met hond, staan foto’s te maken of eten hun lunch. De makkelijke route is blijkbaar zo goed te doen dat hele hordes de Pen y Fan beklimmen. Na ons broodje dalen we een andere (rustige) kant weer af. Ondanks de drukte op de top is het een genot om door de Brecon Beacons te lopen. De combinatie van de door gras bedekte bergen, de wolken, de zon en daardoor het spel van licht en schaduw, is fantastisch om te zien.

Hiken in Wales
Hiken in Brecon Beacons. Foto: Marien Bos

Mountainbiken in het Coed y Brenin Forest Park

Onze kleine boerencamping, waar Wales mee vol staat, ligt zo’n vijf kilometer van het bezoekerscentrum van het Coed y Brenin Forest Park. Dit prachtige bos, vol met mountainbike- en wandelpaden, ligt in het Nationaal Park Snowdonia. Thuis ben ik een mooiweerfietser, maar dan wel op de racefiets. Mountainbiken doe ik af en toe op vakantie. In dit bos liggen meerdere mountainbike routes van verschillende zwaarte. De zwaarte hangt bijvoorbeeld af van de afstand, de hoogtemeters en de hoeveelheid technische stukken (lees: keien of boomstammen op het pad). Op de fiets naar mijn werk maak ik zo’n zes hoogtemeters per dag, het viaduct op de heen- en terugreis. Kan ik dan wel een rode route rijden met 270 hoogtemeters? Gelukkig is er een oefensectie waar je alle zwaarte niveaus even kan ervaren en ik besluit met een blauwe route te starten. Blauw is eigenlijk iets te makkelijk omdat er geen technische stukken in zitten. Wat blauw zo leuk maakt is dat je daardoor met een rotgang door het bos kan fietsen, vlak langs de bomen en rotsen. Na blauw rijd ik nog twee rode routes. Waar ik de fiets voor de hele dag gehuurd heb, lever ik hem na driekwart dag in. Het viaduct van mijn woon-werkverkeer blijkt onvoldoende training, ik kom de heuvels niet meer op.

Hiken in Nationaal Park Snowdonia

Overal in Engeland en Wales zijn wandelpaden en veelal lopen ze door het boerenland. Bij onze camping is een driesprong van wandelpaden. Alle drie lopen ze ‘The Rhinogs’ in, een bergketen in zuidelijk Snowdonia. We laten onze ‘grote’ tent op de camping staan en trekken met onze rugzakken en kleine tent de bergen in voor een tweedaagse hike. Slapen willen we op een camping midden in de bergen. De camping heeft geen website en op internet kunnen we alleen een blogpost van 2014 vinden. Voor het geval dat nemen we ook alle spullen mee voor wildkamperen.

Hij komt alleen maar dichterbij en wij lopen met onze staart tussen onze benen langzaam achteruit

We zijn honderd meter op pad, en waar de schapen tot dan toe altijd wegliepen, blijft een jonge ram nu op het pad staan. Sterker nog, hij komt dreigend dichterbij. Het lijkt erop alsof hij zijn schedel in mijn scheenbeen wil rammen. We blijven staan en ook de ram staat nu stil. Ik doe mijn rugzak af en houd die voor mijn benen. Zo doe ik een stap naar voren, maar de ram weet van geen wijken. Hij komt alleen maar dichterbij en wij lopen met onze staart tussen onze benen langzaam achteruit. We willen twee dagen wandelen en in de eerste minuten gaat het al mis. Gefrustreerd druipen we af en nemen ongewild een ander wandelpad.

Hiken in Wales
Over een van de vele muurtjes tijdens de hike in Snowdonia. Foto: Maarten Groeneveld

Na een uur wandelen komen we bij een weiland aan vol koeien met daarachter de boerderij. We moeten door het weiland. Eén probleem: er staat een stier van zo’n duizend kilo net naast het pad. Het weiland is omheind met muurtjes, veel ruimte om er omheen te lopen is er niet. De stier ziet er zo imposant en dodelijk uit dat we besluiten er niet langs te lopen en wéér een alternatieve route moeten zoeken. Dan roept de boer naar ons en gebaart dat we er gewoon langs kunnen. Voorzichtig, adem-inhoudend, lopen we langs de stier, door het hek, het volgende pad op. De stier gunt ons geen blik, het blijkt een dikke lieverd te zijn.

De boer snapt niet waarom we bang waren en vraagt waar we heen gaan. We laten de kaart zien waar we zelf onze route hebben ingetekend over de wandelpaden. Onze route kan niet geeft hij aan, het pad is niet goed. Hij zegt dat we gewoon de rivier moeten volgen. Ik vraag of er een pad is, hij reageert met ‘It’s a bit rough.’ En dat is het. Gras en pitrus tot onze knieën, kuilen, gaten en we moeten met stenen een paatje maken in de rivier om met droge voeten aan de overkant te komen. Waar in Engeland de paden erg goed zijn aangegeven, is het in Wales soms echt zoeken. Dit heeft ons op de eerste dag zeker een uur, enkele kilometers en heel wat zweet gekost. Gelukkig maakt het spectaculaire landschap veel goed.

Hiken in Wales
Hiken in Snowdonia. Foto: Marien Bos

De camping blijkt er nog te zijn. Waar wij dachten dat het een idyllisch veldje zou zijn met een handvol hike-tentjes, blijkt het een idyllisch veldje te zijn met allemaal luidruchtige groepen families en vrienden. Het is een soort toevluchtsoord in de natuur voor mensen uit de stad. Ik schrijf trouwens wel steeds camping, maar enige vorm van faciliteiten en drinkwater ontbreken. Het is gewoon een veld waar je van de boer mag kamperen. Geld stop je in een houten kastje. Wij zijn helemaal kapot van een lange dag wandelen en hebben de energie niet meer om een ander plekje te zoeken in de natuur. Ondanks de groepen, vallen we vermoeid in slaap en slapen als een roos. De volgende dag lopen we in zes uur weer terug naar de camping waar we onze grote tent hebben laten staan.

Misschien wel het mooiste van deze vakantie is het non-stop buiten zijn. Dichtbij de bijen, de vogels, gras tussen de tenen en de zon op onze kop. Kamperen is te gek en Engeland en Wales zijn fantastisch.

Hiken in Wales
Zicht op Skomer Island. Foto: Marien Bos

Lees hier alle reisverhalen van onze reporters


 

advertentievoigt travel

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here