Advertentie
Reizen naar Fins Lapland
Klik hier voor meer informatie over de reizen naar Fins Lapland 

 

7 Reistips voor een fietsreis op de Faeröer eilanden

Een reisverhaal van Daan Remijnse 

Als Scandinavië-liefhebber stonden de Faeröer eilanden al een lange tijd op de verlanglijst. Ergens in de oceaan wat eilandjes bij elkaar heeft iets mysterieus. Hoe zou het daar zijn? Je kunt je fantasie er heerlijk op loslaten. Hier wilde ik meer over weten. Eerder werd het toch IJsland of Noorwegen.. deze keer niet. Alles is anders. De zomer van 2020 waar reisadviezen continu van kleur veranderen. De grenzen sluiten om mij heen en de muren komen op mij af …. En dan begeef ik mij in het vliegtuig naar achttien vulkanische eilandjes in de Atlantische Oceaan. Hier een aantal tips over je kunt verwachten op de Faeröer eilanden.

Altijd en overal wind

Terwijl ik uit het vliegtuig stap zie ik vrij weinig maar voel van alles. Een wolkendeken en vlagen van dikke mist beperken het zicht. Het motregent. Het waait hard. Het is fris. Een ongemakkelijk gevoel bekruipt mij en ik vraag mij af of dit weer zal blijven. Met de dagen die volgen wordt één ding duidelijk: de wind blijft. Zij beukt vanaf het noorden op de bergen, dan weer vanaf het westen, verandert voortdurend van richting en kracht. Streelt je gezicht en voelt als een vriend die een duw geeft in de rug, maar vaker een vijand die iets tegen je heeft. Nooit windstil. Bereid je voor op een spel met windstoten. Een geruststellende gedachte is de stabiele temperatuur van 12 á 13 graden in de zomer.

Aankomst Vágar met vliegtuig
Aankomst op Vágar, foto: D. Remijnse

Bereid je voor op tunnels

Het kan niet anders of de bestuurders van de Faeröer eilanden hebben een grote liefde voor tunnels bouwen. De drang om de gemeenschappen met elkaar te verbinden heeft ertoe geleid dat er echt overal tunnels zijn. De 50.000 inwoners leven verspreid over twee steden, Torshavn en Klaksvik, en op elk eiland zijn wel (zeer) kleine dorpjes aan het water te vinden. Zo ook het fotogenieke dorpje Gásadalur, waar het water van het granieten bergplateau de oceaan in valt, met veertien inwoners is vanaf 2006 met een 1,4 km tunnel verbonden met de rest van het eiland Vágar. Zeker achttien tunnels zijn er gebouwd en iedere keer weer is het een verrassing hoe donker, smal en steil deze is. Soms heb je geluk en kun je eromheen.

Tunnel op Faeroer
Tunnel op Kalsoy, foto: D. Remijnse

 … en ferry’s

Hoe benauwend de tunnels zijn hoe bevrijdend de ferry’s aanvoelen. Het is heerlijk om al rondkijkend te genieten, met de wind in de haren, van het golvende water en de puntige bergtoppen die er boven uitsteken. Even de benen rust geven. Binnen in de boot is er vaak een sfeerloze ruimte, waar het ruikt naar rook, met een koffieautomaat en wat oude toeristische brochures aan de wand. De kleine boten dobberen over de golven van de oceaan om na een half uur uit te komen bij een kade. Het vaarschema geldt trouwens alleen bij goed weer. Bij storm kan de kapitein besluiten niet uit te varen en dan zit je vast in afwachting op beter weer.

Ferry naar Sandoy
Ferry naar Sandoy, foto: D. Remijnse

Schapen en vogelparadijs

Ver voordat de eerste Vikingen in beeld komen waren er de monniken uit Ierland die het onbewoonde land ontdekten. Verhalen gaan terug tot de 6e eeuw N. Chr. toen St Brendan na een lange zeiltocht vanaf Schotland aankwam. Hij sprak over het paradijs voor vogels en land van schapen. Er leven twijfels of de echtheid van zijn reizen. Legende of niet, feit is dat er jaarlijks vele vogelsoorten de eilanden steeds weer weten te vinden. Met name de behendige papegaaiduikers op het populaire eiland Mykines trekken de aandacht van vele bezoekers. Waar zij zijn verscholen op moeilijk te bereiken plekken in kliffen grazen ondertussen de schapen praktisch op ieder stukje gras. Houd er rekening mee dat ze spontaan de weg op kunnen lopen.

Schaap op Kalsoy
Schaap op de autoweg Kalsoy, foto: D. Remijnse

Klimmen, klimmen en soms dalen

Iedere fietser onderschat de Faeröer eilanden. De zin hoor ik van de fietsverhuurder na mijn tocht en ik kan het alleen maar beamen. Met een gemiddelde hoogte van 300 meter ga je voortdurend over en langs bergwanden, klim je in donkere tunnels om vervolgens via haarspeldbochten uit te komen in dorpjes op zeeniveau. Je fietst grofweg tussen 500 meter hoogte en daalt via diepzeetunnels naar 100 meter beneden zeeniveau.

De helft van de tijd zat ik op het lichtste verzet, ook vanwege flink wat bagage, van de mountainbike uit te kijken naar het begin van de afdaling. De weg van Kvivik naar Vestmanna op het grootste en dichtstbevolkte eiland Streymoy ging met flink wat zweetdruppeltjes gepaard. Vestmanna is met 1.200 inwoners een flink dorp verscholen in een inham van de fjord Vestmannasund. Dagelijks vertrekken er bootjes met toeristen om papegaaiduikers te spotten bij de kliffen.

Uitzicht op Kvivik
Kvivik op Streymoy eiland, foto: D. Remijnse

Meet the locals

De weersomstandigheden en het gebrek aan natuurlijke beschutting (geen boom te vinden!) zorgen ervoor dat je niet vaak bewoners buiten gezellig ziet kletsen met elkaar. De Faeröerder is aan het werk, doet boodschappen, is thuis of … is aan het voetballen. Het is fascinerend om te ziet dat er in bijna elk dorp wel een professioneel veld te vinden is! Overigens is roeien traditiegetrouw de volkssport.

De inwoners kunnen wat afstandelijk overkomen en het is best een uitdaging om contact te krijgen. Maar lukt het om in gesprek te komen dan krijg je legendarische verhalen te horen over de geschiedenis, de relatie met Denemarken en maak je ongetwijfeld kennis met Føroya Bjør, het bier dat in Klaksvik wordt gebrouwen.

Inwoners Faeroe op camping
Kennismaking met de locals op camping in Dalur, foto: D. Remijnse

Vergeet niet te genieten

Wie de tijd neemt en avontuurlijk is ingesteld zal tijdens zijn bezoek aan de eilanden veel zien en beleven. Niet voor niets is de slogan van het toerismebureau “unspoiled, unexplored and unbelievable”. Het land is nog niet bekend met overtoerisme met circa 120.000 jaarlijkse reizigers en dat maakt de Faeröe eilanden aantrekkelijk voor natuurliefhebbers om te bezoeken. Aan te raden is om een scenic route te nemen, aangeduid met een bloem als symbool (Buttercup route).

De wegen gaan vaak door groene valleien met meanderende rivieren die uitkomen in kleurrijke dorpjes omringd door granieten bergwanden, kloven in het graniet en/of kliffen aan de kust. Magisch mooi..zelfs wanneer het mistig is!

Uitzicht vanaf Kallur
Uitzicht op bergketen Eysturoy vanaf Kallur, foto: D. Remijnse

Advertentie

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Plaats je reactie
Vul hier je naam in