Advertentie
Tsjechië
Avontuurlijk Tsjechië. Klik hier voor meer informatie!

Met Robert fietsen langs de feeërieke Vecht

Een fietservaring van Robert van Weperen

Een rivier als leidraad, dat is al veel vaker vertoond. De Donau-radweg, de Elbe-radweg, de route langs de Loire of de Mayenne mogen zich inmiddels tot de klassiekers rekenen. Ze zijn zelfs zo populair dat het in het hoogseizoen af en toe fietsfilerijden is. De hoogste tijd dus om de bakens te verzetten. En bijvoorbeeld de pedalen in de minder bekende Vechtdalroute te zetten. Een internationaal fietsavontuur van bijna 250 kilometer lengte, dat speels door Duitsland en Nederland meandert.

Van Darfeld tot Zwolle

De route start officieel in Darfeld en finisht in Zwolle. Reporter Robert van Weperen verkende het traject van Schüttorf tot Zwolle, grofweg de tweede helft. Hij noteerde een aantal ijzersterke pluspunten: ook bij deze rivierroute hoef je geen meter te klimmen. Zelfs als je stroomopwaarts rijdt, merk je niet dat je langzaam hoger komt. Verder trap je voornamelijk door de stilste stukjes van Duitsland en Nederland. Extra bonus: je hoeft helemaal niet veel moeite te doen er te komen: je klimt gewoon met je eigen fiets op de trein. Wie houd je tegen?

De fiets gaat extra makkelijk mee in de trein van Amsterdam naar Berlijn.

Per trein naar je fietsbestemming reizen, vind ik sowieso een hele aangename en relaxte manier. Lastig is het wel dat je de immer uitdijende spitstijden moet mijden, want dan mág de fiets niet eens mee. Gelukkig is er een trein die je in een streep tot vrijwel aan de oevers van de Vecht brengt. Een treinverbinding die bovendien niet moeilijk doet tijdens de spits: de IC tussen Amsterdam en Berlijn. Nota bene een verbinding die ook nog eens een wagon heeft die speciaal is ingericht voor fietsen en fietsers. (Wel is het raadzaam om in het hoogseizoen een reservering te kopen om zeker te zijn van een plek.) Het fijne is dat deze trein in de remmen gaat in Bad Bentheim omdat daar de Nederlandse loc wordt ingeruild voor een Duitse. En vanaf Bad Bentheim is het nog een piepeindje tot aan Schüttorf.

Het kasteel van Bad Bentheim, pikje zomaar even mee.

Kortom, doodgemoedereerd gaan mijn fietsmaatje en ik aan boord van de Berlijn-trein met onze fietsen. Twee koffies uit de Bord Bistro en een (kwart) goed boek later, springen wij er als enigen uit. Met wat rokers, die snel even een paar peuken naar binnen werken. Bad Bentheim blijkt meteen een schot in de roos. Naast de Bentheimer Mineral Therme en het BadePark Bentheim, heeft de stad ook een serieuze vesting: De Bentheimer Burcht. Er zijn zelfs rondleidingen in het Nederlands – een aanrader.

Van Bad Bentheim naar Nordhorn

We trappen de fietsen aan en in no time zijn we in Schüttorf. Daar wacht geduldig de Vecht op ons. Of beter: de Vechte, want in Duitsland plakken ze er een extra ‘e’ aan. Anders dan Bentheim heeft Schüttorf niet veel te bieden. In WOII is de charme er effectief uitgeknald met vliegtuigbommen en artillerievuur. Landschappelijk is het ook aan de magere kant: het laatste heidegebied werd recentelijk geofferd aan de landbouw. Maar we komen voor de Vechtdalroute en die begint meteen goed. Dankzij de gedetailleerde kaart (schaal 1:50.000) en de aanwijsbordjes bij kruispunten en afslagen haken we soepeltjes aan.

De bewegwijzering in Duitsland is nog niet zo goed als bij ons. Maar de route langs de Vecht is duidelijk aangegeven. En er is nog een kaart als back up.
De bewegwijzering in Duitsland is nog niet zo goed als bij ons. Maar de route langs de Vecht is duidelijk aangegeven. En er is nog een kaart als back up.

De bebouwing wijkt rap en al gauw fietsen we door Duits, autoluw boerenlandschap naar de stad Nordhorn. Nordhorn blijkt een historische link te hebben met Amsterdam. Vanuit hun haven werd ooit het Bentheimer zandsteen verscheept voor ons Paleis op de Dam. En verder wordt hier on-Duits veel gefietst. Om het fietsen te stimuleren hebben ze zelfs een OV-bus met aanhanger waar je je fiets op kunt laten vervoeren. (Waarom hebben wij dat nog niet?). Wij laten echter de bus de bus en knallen op eigen kracht door richting het grensdorpje Laar. De Vecht blijft ons volgen en wij volgen de Vecht.

Van Nordhorn tot Laar

Bij Neuenhaus komen het riviertje de Dinkel en de Vecht samen, waarna de Vecht extra breed doorstroomt. De routebordjes brengen ons ook bij het grafveld Am Spöllberg: een verzameling van acht grafheuvels die dateren uit het Neolithicum (héél lang geleden voor Christus). Bij opgravingen is er ooit een gouden beker gevonden meldt WikiPedia. Wij zijn vooral blij dat deze heuveltjes nooit ten prooi gevallen zijn aan een overijverige bulldozer.

In het gehucht Neugnadenfeld passeren we de plek waar in WOII het Lager XV, Alexisdorf, stond. Een strafkamp waar duizenden krijgsgevangen onder erbarmelijke omstandigheden probeerden te overleven. Velen van hen vroren dood of stierven van de honger, waaronder heel veel Sovjetsoldaten. Een massagraf met 600 Russen waarvan de identiteit altijd onbekend is gebleven, is de stille getuige van de wreedheden die hier plaatsvonden.

Een co2 neutraal pontje verbindt de oevers van de Vecht
Heen en weer, heen en weer. Het pontje over de Vecht.
Heen en weer, heen en weer. Het pontje over de Vecht.

Vlak voordat we Laar bereiken steken we de Vecht over per Co2-neutrale kettingpont. Door een vliegwiel eindeloos rond te draaien verruilen wij de linker- voor de rechteroever. Met de armen nog net niet uit de kom bereiken we de overkant. Het Fries stamboekvee dat ons vanachter het prikkeldraad herkauwend observeert, neemt de inspanningen met enig leedvermaak waar.

Hier verbleven de zogenoemde commiezen. In hun hot tub kunnen we het vermoeide lijf laten ontspannen

Eenmaal in Laar mogen onze fietsen, net als wij, eindelijk uitrusten. Onze bedjes staan bovenop de grens, in vakantiehuis Op de Borgh. Een voormalig grenswachtersonderkomen uit 1937. Hier verbleven de zogenoemde commiezen. In hun hot tub kunnen we het vermoeide lijf laten ontspannen. Terwijl we onbelemmerd uitzicht hebben op zowel Nederland als Duitsland. Voor het avondmaal wijken we uit naar Gramsbergen (NL) omdat daar net iets meer keuze is.

Laar – Dalfsen

Helemaal gerefurbished, beginnen we de volgende dag aan de pakweg 50 laatste kilometers tot aan Zwolle. In Gramsbergen pakken we het Vechtdal-museum mee. Topstuk van het streekmuseum is wat ons betreft de “Tuugkiste” die vol zit met museale kledingstukken als onderjurken, broeken met kant en gebreide borstrokken met bijpassende onderbroeken. Wat een geluk dat wij in onze fietsbroek verder mogen fietsen. Via Hardenberg komen we bij De Rheezer Kamer. Een B&B en een theetuin waar ze de lekkerste taartjes én koffie serveren. Op een heerlijk terras.

Rheezer Kamer – In Rheeze moet je wezen voor thee en overheerlijk gebak.
Natuurlijk mooi genieten bij de Rheezer Kamer.

Het laatste deel van de Vechtdalroute is misschien ook het mooiste deel van de route. De ruilverkaveling is hier net iets minder rücksichtslos tekeergegaan waardoor het decor net een graadje vriendelijker toont. Er is meer groen dat de weilanden afbakent, de Vecht slingert net iets harder en onbesuisder en er is nog minder verkeer. In Vilsteren passeren we de hoogste molen van Overijssel en Landgoed Vlisteren. Helaas zorgen hoge hekken ervoor dat we het landgoed niet van dichtbij mogen bekijken.

Kanovaren kan ook prima op de Vecht want er is geen scheepsvaartverkeer.
Kanovaren kan ook prima op de Vecht want er is geen scheepsvaartverkeer.

En alsof onze kuiten niet al genoeg op de proef gesteld worden, beklimmen we ook nog even de twintig meter hoge Uitkijktoren de Stokte. Vanaf het platform zien we in de verte de Blauwe Bogen die de brug over de Vecht bij Dalfsen markeren. Een kunstwerk dat het qua lelijkheid alleen verliest van de autowrakken-rotonde in Panningen. Maar als we even later Dalfsen voorbij zijn gefietst slaat de natuur weer keihard terug en fietsen we onbekommerd langs de weilanden waarbij we af en toe de oevers van de Vecht aantikken.

De boerin van Boerhoes serveert een plakje krentenmik.

Opnieuw stuiten we op een theetuin: Hof Boerhoes. Behorend bij een boerenbedrijf dat ook een minicamping uitbaat. Eigenaren Thomas en Antje serveren koffie en – heel klassiek – een sneetje krentenwegge.

Finish: Hanzestad Zwolle

Daarna is het nog een piepeindje tot Zwolle. We bereiken het stadcentrum vanuit het noorden. Bij de provinciehoofdstad eindigt de Vecht in het veel bredere Zwarte Water. De rivier die ons begeleidt op de laatste kilometers tot aan het historisch centrum. Voordat we huiswaarts keren, pakken we nog even het museum De Fundatie mee en boekhandel Waanders In de Broeren, die in een voormalig kerkgebouw is gevestigd. Na een late lunch bij Villa Suikerberg springen we rozig van alle frisse lucht en inspanningen op de trein.

Museum de Fundatie in Zwolle - cultureler kan de fietsfinish niet zijn.
Museum de Fundatie in Zwolle – cultureler kan de fietsfinish niet zijn.

Informatie Vechtdalroute 

Verteer onderweg

De Vechtdalroute in h❤rtjes

❤❤❤ erg makkelijk aan te reizen per trein

❤❤❤ afwisselende tocht door zowel Duitsland als Nederland

❤❤❤ catering dun gezaaid, maar wel van goed niveau.

❤❤❤❤ mooie omgeving

❤❤❤❤❤ erg handige fietskaart


Lees alle fietsverhalen op onze FIETSPAGINA


Lees hier alle reisverhalen van onze reporters


Advertentie

Advertentie

Askja Reizen

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Plaats je reactie
Vul hier je naam in