advertentievoigt travel

[impulse_trigger image=’https://www.mountainreporters.com/wp-content/uploads/2018/05/Bergbeklimmen.gif’ custom=’true’ align=’right’ size=’small’]

Ontmoeting met Moeder Natuur op IJsland

Razendsnel duik ik tussen twee stoelen in als ik hem de bus zie opstappen. Met zijn ruig gestalte, een rode haardos, brede kin en diepliggende ijsblauwe ogen, lijkt hij perfect op de Viking zoals ik hem vaak ontmoet heb in de boeken. Tal van hoofdstukken waar het bloed tussen de regels stroomt en de afgehakte hoofden worden geteld. Hij rekent zijn ticket af en komt met een zelfzekere voetstap mijn richting uit. Ik krimp in elkaar. Mijn knieën en handen beven op de bodem van de bus.

Ik recht mijn rug, knoop mijn linker schoenveter en leg vlug een haarlok netjes achter mijn rechteroor. Ik ben klaar om aan mijn avontuur te beginnen

Mijn rugzak gaat vast verklappen dat mijn plaats bezet is. Zijn voetstap klinkt luider en luider, tot plots de stilte dit geluid doorbreekt. Ik durf heel stilletjes mijn rechteroog te openen en zie de enorme, bruin lederen laarzen onder mijn gezicht. Mijn lichaam verstijft. ‘Ik heb niks misdaan!’ roep ik luidkeels, en mijn ogen lopen voorzichtig over zijn benen naar boven. Daar zie ik de Viking met oortjes, een zachte gloed in zijn ogen en een ontwapenende glimlach rond zijn mond. Hij luistert vast naar zijn lievelingsmuziek. Ik recht mijn rug, knoop mijn linker schoenveter en leg vlug een haarlok netjes achter mijn rechteroor. Ik ben klaar om aan mijn avontuur te beginnen.

Avonturenreis

Mijn reis begint pas ècht wanneer ik bij ochtendlicht het hotel in Reykjavik uitwandel. De zon staat op ooghoogte, de temperatuur is opvallend warmer dan verwacht. Met de rugzijde van mijn hand veeg ik de slaap uit mijn ogen. Ik besef dat dit misschien mijn laatste deftig ontbijt was, want op een avonturenreis laat je alles aan het toeval over. Ik nam me voor om gedurende elf dagen me volledig en telkens door het NU-moment te laten opslorpen.

Onderweg richting Noorden, doorheen de magische Westfjords, val ik van de ene verbazing in de andere. Gevarieerde landschappen omhelzen me in duizend-en-één tinten. Doorheen een droog en ruw gebied, vol dorre tengels, onthult het landschap haar kracht. Vol zelfvertrouwen staan oneindig ogende bergen met hun voeten in donkere lavastenen, hun witte hoofden pronkend naar de helderblauwe lucht gericht. De bergtoppen doen me denken aan een verjaardagstaart, gretig met slagroom volgespoten. Een zalige brok natuur!

Geen gewone reis

Op weg naar de schapenboerderij in Breiöafjord, waar ik mijn eerste twee nachten doorbreng, passeer ik een plaats waar walvissen worden aangevoerd voor de vleesindustrie en cosmeticawereld. Ik moet even slikken. Wat verderop tijdens de rit opwaarts, stop ik aan een picknicktafel. Een handvol dor gras verleent zich om de tafel schoon te vegen. Ik stil er mijn kleine honger met een boterham waar een pot choco het nog toelaat om dubbeldik te smeren. Mijn oog valt op een enkele, gelige grasspriet die aan mijn boterham plakt. Ik beslis om hem mee op te eten. Met de zoete smaak van choco laat ik het bittere walvisverhaal stilzwijgend bezinken. De zon schijnt warm in mijn hals. Ik voel dat dit geen gewone reis is.

Een lange wandeling over grijzende rotsblokken en lavastenen, die overspoeld liggen met intens donkergroen zeewier, brengt me bij een indrukwekkend basaltgebergte, dat torenhoog is uitgevreten door oersterke, immense zeegolven. De natuur openbaart zich in het diepst van zijn verwoestende kracht …. ik voel me klein, ik voel me sterfelijk. Alle indrukken en emoties van die dag laat ik achter in een zalig zeewierbad in Reykholar, met zicht op de wereld, waar geen overgang tussen lucht en aarde, geen begin en ook geen einde te bespeuren valt.

Diepe ijsfjorden

Verder noordelijk opwaarts, via een weg die nauwelijks lijkt te ademen tussen twee uitgestrekte sneeuwtapijten, beland ik in de diepe ijsfjorden. Duizelingwekkende uitzichten omarmen me. Een adembenemende verlatenheid overweldigt me. Ik ben sprakeloos. Mijn mond valt open, ik voel mijn keel vernauwen en tranen van geluk dreigen geboren te worden. Ieder moment is een nieuwe blik, een andere horizon, een ongekend prachtige mysterie dat mijn hart sneller doet kloppen. Donkerblauwe meren verbinden naadloos de voeten van de bergen met elkaar. De zachtheid van de oceaan staat in schril contrast met de ruwe, hoog prijkende fjorden. Ze lijken een oneindig spel met elkaar te spelen. Een lichtblauwe lucht kleurt het water in dezelfde toonaard, dat de scherpwitte bergtoppen in hun naakte glorie weerspiegelt. Een krachtige zon vervolmaakt het wulpse natuurtafereel. Heel even gaan mijn gedachten naar het verleden van de Vikings, hun gewelddadige aard en wat ze met deze natuur gemeen hebben.

IJsland
De verstilde rust van IJsland. Foto: Jeremy Goldberg

Richting Isafjordur spot ik zeehonden. Ze liggen lui en dik over de stenen heen, ze kennen geen tijd noch haast. Hier en daar duikt er eentje met een nieuwsgierige blik op vanuit het water. Op de stopplaats vind ik een box gevuld met confituur, een houten kistje voor het geld, een verrekijker, een pen en een schriftje. Denemarken, Amerika, Zwitserland, …. ze zijn België voor geweest. Ik noteer iets leuks in het boekje en sluit met een tevreden gevoel de box weer af.

Moe van emotie kom ik ’s avonds in Isafjordur aan en overnacht er in een klein hotelletje, waar kennelijk een Britse maar vermoedelijk IJslandse sfeer hangt. Het behang is gedateerd mooi en ieder fotokadertje hangt scheef. Aandachtig bestudeer ik de foto’s en probeer er wat Vikings uit te plukken maar dat lukt me niet. Ze ademen een aangename, warme familiesfeer uit. Ik voel me langzaam maar zeker thuiskomen …

Hornstrandir

’s Anderendaags wacht me de overzet naar het onbewoonde schiereiland Hornstrandir. Vijf dagen verwijderd van het vasteland met een beperkte proviand en geen telefoonverbinding. Een generator voorziet voor enkele uren stroom die hoofdzakelijk voorbehouden blijft voor het licht en de keuken. Back to basic, een bewuste keuze. Met een koffer vol goesting stap ik op een bootje, dat me naar het onbekende brengt. De spanning stijgt wanneer ik moet overstappen in een roeibootje dat me tot aan de steiger van het eiland brengt. Ik zet een eerste voet in het water. Mijn schoenen lopen vol en ik voel mijn sokken nat worden. Op de achtergrond hoor ik vogels die plezier hebben. Ik ben aangemeerd …

Vijf dagen verwijderd van het vasteland met een beperkte proviand en geen telefoonverbinding

Ik ontmoet het eiland onder een dikke laag sneeuw. In mijn linkerooghoek bespeur ik een rij gaten in de sneeuw, op voetsporen gelijkend, ongelijkmatig van vorm, ogenschijnlijk aangedrukt met een trage voorzichtigheid. Ik draai me om en bestudeer aandachtig de voetsporen … zouden dit de voetstappen van een ijsbeer zijn…. groot, wit en op zoek naar vlees? Ik krijg rillingen over heel mijn lijf. Mijn onderlip trekt zenuwachtig weg. Mijn witte jas met pels stelt me een beetje gerust. Het moet verwarring bij de ijsbeer scheppen, mocht ik hem ontmoeten. Heel stoer beslis ik om geen angst te hebben voor eventueel verloren gelopen ijsberen.

ijsland
IJjsland. Eigen foto: Hilde Evens

Na een korte maar steile klim in de sneeuw drop ik mijn flightbag gezwind tegen de grond. Het basecamp is een gerenoveerd huisje dat een geheimzinnig verleden uitstraalt. De muren zijn gewit, het verlangen om de verhalen onder deze laag verf te kennen is groot, enorm groot. De woning is eigendom van Rúnar, een stevige kerel die het avontuur op zijn gezicht geschreven heeft. Ik vraag me af, zou hij de zoon van een Viking zijn? Al snel blijkt van niet. Met een brede lach vertelt hij dat hij de woning in 2012 heeft overgenomen met de belofte om het gedurende 25 jaar in goede staat te behouden, met liefde en respect voor natuur en dier. Ik doe mijn schoenen uit, neem mijn spullen en ga met een nieuwsgierige blik naar binnen. De geur van koffie verwelkomt me, plankenvloer, een kachel, een lange houten tafel, …. het zint me.

Het basecamp is een gerenoveerd huisje dat een geheimzinnig verleden uitstraalt

Pure vreugde en intense tevredenheid

In de levensgrote tuin, op zo’n tien meter van het huis, ligt een sauna en toilet. Aan -10°C op een ouderwetse manier je behoefte doen, in een hokje met doorkijkgat en windslot van twee kanten, een deurtje met een paardenschedel die je begroet alvorens binnen te gaan, ik moet bekennen, het klinkt bangelijker dan het is. Ik beslis de plas van mijn leven te doen, en laat het deurtje ongeremd wagenwijd open, met zicht op …. een onbeschrijfelijk stuk natuur dat alles en niets over het leven vertelt. Vanaf dat moment weet ik het zeker, ik hou van IJsland. Wanneer ik terugkeer van het buitentoilet, over besneeuwde rotsblokken naar de woning, word ik overspoeld door de geur van vers gebakken oventaart, en een Rúnar die erbij zingt. Nog nooit in mijn leven heb ik zo’n pure vreugde en intense tevredenheid mogen ervaren. De taart ruikt naar authenticiteit, gebakken vanuit het hart.

De volgende ochtend bakt Smári, Rúnar’s broer, spek op de speech van Martin Luther King. De tijd staat stil, nu en voor altijd. Mijn laarzen, wandelschoenen en rugzak staan klaar voor mijn eerste wandeltocht. Er wacht me dagelijks een tocht doorheen de verschillende plaatsen van het eiland, waar het bootje me ’s ochtends brengt, en ’s avonds weer oppikt, waar vogels me begroeten met een zaligmakend geluksgevoel, waar zeehonden hun nieuwsgierige neus aan me tonen.

Het ultieme nu

Ik geef me over aan het ultieme nu en aan de ongehoorde stilte. Geen radiocontact. Louter in nauwe verbinding met Moeder Natuur in het diepste van haar kern. De zon verspreidt haar stralen als een octopus over de bergtoppen heen, en lijkt hen fijntjes te masseren. IJskristallen geven een zachtroze schijn aan de toevallig passerende wolken. Ik voel een milde bries in mijn hals. Het is de voorbode van een korte maar stevige wind, die de omgeving met opwaaiend sneeuw ophitst tot een magisch hoogtepunt. Ik bijt zachtjes in mijn onderlip. Ik geniet. Als Moeder Natuur in staat is om een orgasme te krijgen, dan is het op hier, op Hornstrandir.

Het ultieme nu op IJsland. Foto: Paul Morris

De laatste tocht is de pittigste. Ik doorkruis een drie-armige rivier die diep aangevroren lijkt te liggen, overdekt met een onaangeroerd pak sneeuw. Hier schuilt het gevaar van wegglijden en tussen ijskappen terecht te komen. Met een gletsjer aan mijn linkerzijde stap ik heel langzaam en bedeesd over de rivier, mijn voetstappen doserend en metend. Ik besef dat het mijn laatste adem kan zijn, maar ook gewoon een nieuwe, die een overtuigde ‘ja!’ tegen mijn verdere leven zegt.


Lees hier alle bijzondere reisverhalen op Mountainreporters


 

1 REACTIE

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here