Advertentie
Win dit Colmar Jack

Arctic Circle Trails: rennen over de Poolcirkel

Een verhaal van Bouke de Loos

Eén oog open, andere oog open. Ik besef dat ik wakker word in een ander bed. Het is nog geen vijf uur. Ik slof naar het toilet. Langzaam komt het besef terug dat ik niet thuis ben en een lange reis achter de rug heb. En dan te beseffen dat dit pas het begin is. Het begin van iets onbekends. Ik loop terug de kamer in en ben benieuwd hoe het er buiten uit ziet. Wellicht is het al wat schemerig. Ik trek de gordijnen open en fel zonlicht schijnt in mijn gezicht.

Locatie: Arjeplog, Zweden. Vlak onder de Poolcirkel

Uit een reflex trek ik de gordijnen snel dicht en wankel naar achteren. Ik val achterover op bed. Een kreukelend geluid. Met mijn linkerhand trek ik een stuk papier onder mijn lichaam vandaan. In de streep licht dat door de gordijnen komt zie ik een rood logo. Een cirkel met daarin een witte lijn weergegeven als een soort ‘heartbeat’. Daarnaast in rode hoofdletters: ‘Arctic circle trails’. Het is begonnen.

Iedereen kijkt rond. Sommigen stil en gefocust, anderen zachtjes pratend

Eenmaal wakker trek ik direct mijn outfit voor die dag aan. Een zwarte korte broek, een zwart shirt met groene lijnen, een amulet dat ik bij me draag op reis en een minirugzakje waar ik een waterzak, iets te eten en een windjack in prop. Ik stap naar buiten en een groep van ruim vijftig personen staat samen. Iedereen kijkt rond. Sommigen stil en gefocust, anderen zachtjes pratend. Iedereen is gehuld in zijn/ haar speciale outfit. Sommigen met hoge sokken, schoenen met dikke zolen en profiel, telefoons worden in aparte zakjes gestopt.

Helicopter

Op dat moment klinkt er een ronkend geluid in de lucht. Het geluid zwelt aan. Propellers zwoegen door de wind en een helikopter wordt zichtbaar. Zeven personen worden aangewezen en stappen naar voren. Gebukt loopt het groepje richting de helikopter. Nog voordat iedereen het beseft zwelt het geluid van de propellers aan en vliegt de groep weg. Een volgende helikopter vliegt naar dezelfde plek toe. Het ritueel herhaalt zich. Ik kijk mijn ogen uit. Wat een machines, wat een kracht. De groep wordt kleiner en kleiner. Nog vier man staan bij elkaar. Gebukt loop ik naar voren. De propellers draaien, het geronk dreunt door m’n borstkas, wind waait door m’n haren, de deur gaat open. Iedereen schuift zo snel mogelijk naar binnen. Ik krijg oorbescherming op m’n hoofd geduwd.

Zachtjes in m’n hoofd hoor ik de melodie van één van de bekendste agenten in de wereld: 007

Het geronk van de motoren valt direct weg. Ik gesp de gordel vast. De deur wordt dicht gegooid. Zachtjes in m’n hoofd hoor ik de melodie van één van de bekendste agenten in de wereld: 007. Ik voel de helikopter zachtjes trillen, loskomen van de grond en draaien. De snelheid en hoogte nemen toe. Ik vlieg. Ik zie en voel de helikopter amper. Het lijkt of ik enkel op een stoel zweef. De bomen worden kleiner en we vliegen over een groot meer. De hoogte neemt verder toe, zodat we over de eerste bergkam vliegen. Een scherpe bocht en we vliegen verder. Gras, rotsen, meren, bomen alles komt voorbij. Vervolgens zie ik twee witte vlaggen en twee helikopters staan.

Op het moment dat ik land vertrekt één van de andere helikopters. Ik trek de koptelefoon af, de deur gaat open en zie de gehele groep staan. Allemaal met hun eigen doel en redenen om hier te staan. Ik sta naast een bergmeer omringd door kale pieken. Het geluid van de inmiddels vertrekkende helikopters lijkt te echoën over het water en tussen de bergwanden.

Locatie: Gujjávrre. Trailnaam: Polärskog Trail

Een sprong in het diepe

Een smal pad is zichtbaar. Iedereen staat bij elkaar. Wie start als eerste, wie durft wie springt in het diepe. Ik hoor het aftellen en voor ik het weet komt de hele meute op gang. Iedereen lijkt te zoeken naar het pad, een ritme en ruimte. Ik loop in een treintje en zie een mannetje of 10 gelijk afstand nemen. Voor mij lopen drie mannen. Stenen worden afgewisseld met groeven, lage beplanting en  flinke rotsen. Ik hop van links naar rechts. Ik ga twee man voorbij en loop het gat dicht naar de persoon voor me. Voor me zie ik een soort drassig veld. De man voor me kiest links, springt en zakt weg. Ik ga door het midden. Een klein pasje, afzetten en voel m’n voet wegzakken. Het water stroomt m’n schoenen in. De ferme stap die ik in gedachte had is in werkelijkheid niet meer dan een hupje. Ook mijn rechtervoet zakt weg in de blubber. Drie stappen verder is het droog. Ik hoor mijn voeten in m’n schoenen soppende geluiden maken.

De bocht om en op dat moment kijk ik uit over een vallei. Ik zie ongeveer vijf blauwe shirtjes verspreid over de vallei rennen. Ik daal af, passeer mijn voorganger en loop naar de volgende persoon toe. Ditmaal liggen er twee smalle planken op een constructie over drassig terrein. De persoon voor me zie ik recht de balk opstappen, maar met zijn andere voet de constructie missen. Hij valt naar links in hoog en drassig gras. Op het moment dat ik er aan kom zie ik verbaasd zijn hoofd boven het gras uitkomen. Een knikje, ‘alles oké’, ‘jazeker’.

Rechts van me diepe meren met verborgen reflecties en eenmaal op de kale top achtervolg ik de wind en heb ik het gevoel dat ik de hemel kan aanraken

Ik loop vervolgens in niemandsland. Hoor de wind en mijn voetstappen. Springend ga ik van links naar rechts. Probeer af en toe te versnellen, maar besef dat ik niet in het ‘rood’ mag komen te zitten. Het pad is in totaal 19 kilometer en ongeveer 6 kilometer ligt achter me. Focus, focus en op dat moment hoor ik opnieuw een melodie in mijn hoofd. Ditmaal van de kinderfilm Brave. Ik zie de ruimte, hoor de stilte en begin op dat moment te klimmen. Het pad wordt steiler. Rennen wordt joggen en af toe moet ik me vasthouden aan takken en rotsen. Ik zie tussen de rotsen donkere plekken met geheimen. Rechts van me diepe meren met verborgen reflecties en eenmaal op de kale top achtervolg ik de wind en heb ik het gevoel dat ik de hemel kan aanraken.

Focussen

Een sprookjesachtige wereld waar ik moet focussen om niet onderuit te gaan. Op dat moment worden m’n gedachtes en de melodie verdreven. Ik hoor motoren en zie voor me een helikopter achter een heuvel tevoorschijn komen. De helikopter blijft hangen, draait met me mee en schiet dan weg. Het voelt als een achtervolging. Zo’n 50 man achtervolgt me. Ik voer het tempo op. Het pad ligt vol met keien. Ik glip weg met m’n voet, val half voor over, corrigeer en ga door.

Na zo’n tien kilometer zie ik opnieuw een persoon voor me. Niet inhalen, maar eerst wat eten. Lopend trek ik mijn eten tevoorschijn. Ik probeer het zakje open te maken en voor ik het weet lig ik op de grond. Ik rol half het pad af. De man voor me kijkt om zijn schouder en dit keer knik ik en zeg dat het goed gaat. Ik sta op, eet en ga verder. We lopen samen, ik ga hem voorbij. Opnieuw die stilte en enkel nu twee paar voetstappen die onregelmatig op stenen terecht komen. Vervolgens voegt zich nog een extra persoon bij het groepje. Het tempo schiet omhoog.

Beduusd sta ik op en zie de man en de jongen wegschieten over de balken het bos in

Tik, tik, tik. Stap voor stap. Focus, coördinatie, diepe ademhaling. Ik stap naar rechts en de twee man schieten mij voorbij. Ik volg. Hou vol, draai, keer, steen, stap, modder, balk en ik lig. Beduusd sta ik op en zie de man en de jongen wegschieten over de balken het bos in. Beduusd kijk ik op. Ik voel dat m’n enkel een tik heeft gekregen. Diep ademhalen, opstaan, drie passen en gaan. Nog niet op tempo, maar toch rennen. Blijven rennen. Het bos maakt het niet makkelijker of overzichtelijker. Hier liggen boomwortels en rotsen. Rennend, glijdend, soms hangend aan takken waan ik me een weg naar beneden.

Opnieuw een open vlakte en dit keer een zacht gezoem. Een drone schiet over het veld en volgt me. Links van me op een rots tussen het gras zie ik een persoon staan. Nog geen vijfhonderd meter verder bereik ik een asfaltweg. Normaliter mijn ondergrond. Ik wil versnellen, maar merk dat mijn enkel niet meewerkt. Ook mijn bovenbeen heeft schijnbaar iets geraakt tijdens de val. Versnellen lukt niet. Ik zie dat de twee man voor me niet meer samen lopen. Tussen ieder van ons zit ongeveer een minuut. In de verte zie ik twee witte vlaggen opdoemen. De 19 kilometer zijn voltooid en ik sta in Vuoggåtjalme. Links het Árraluoktta-meer. Zonder twijfelen duik ik het ijskoude water in. Race één is voltooid.

Rustdag

Ik word wakker en beweeg voorzichtig mijn benen. Stijve achillespezen, jeukende muggenbulten en een trekkend rechter bovenbeen. Bizar gevoel. Opnieuw trek ik de natuur in. Dit keer passiever. Met 8 personen sta ik op een vlot met een hengel. Het zonnetje schijnt uitbundig. Ik neem plaats op een soort torentje op het vlot. Ik besef me dat ik op een bijzondere plek ben. In de buurt van het stadje Arjeplog op een meer met een meanderende oever. Een aantal baarsen en snoeken worden gevangen. Ik heb geen vis gevangen, maar geniet van de rust, het uitzicht en de opmerkingen die we naar elkaar maken.

Na twee uur vissen varen we terug naar het beginpunt. Midden op het meer besluit ik nog een poging te wagen om een vis te vangen. Dit keer zonder hengel, maar met m’n blote handen. Ik spring van het torentje het water in. Het water is koud, maar het is te leuk om er direct uit te gaan. Meerdere mensen springen het water in. Na dik tien minuten kruip ik het vlot op. Kleed me aan om de rest van de avond niet meer op te warmen.

Locatie: Tjeggelvas-meer. Trailnaam: Kungsfjäll Trail, onderdeel van de Kungsleden trail

31 kilometer trailen op dag 3

Kwart over zes in de ochtend gaat de wekker. Op de derde dag, 31 kilometer trailen. Opnieuw staat iedereen in zijn outfit klaar. Dit keer warmer aangekleed. Aan de kade van het Tjeggelvas-meer liggen verschillende kleine bootjes. Doorgewinterde mannen staan op de kade de bonte stoet te observeren. Zonder al te veel praten stap ik met tien man en de schipper aan boord. Het bootje bestaat uit een bodem met een houtconstructie van latten. In de hoeken ligt touw. Bij de motor is een plateau waar twee man kan zitten. De rest zit op de vloer of op de zijkant van de boot. We vertrekken als derde bootje. Vervolgens worden we ingehaald door de andere boten. We stuiteren over de golven. Het koude water spettert de boot in, de wind neemt toe en we varen verder over het immense meer. Ik voel me klein in dit natuurgeweld. We varen verder naar het noorden. Vervolgens zien we de andere boten leeg terugkeren.

Zo’n vijf minuten later stoppen we bij een half onderwater gelopen vlonder. We stappen uit en verzamelen voor een ijzeren wiebelende brug. Dit keer word ik gesommeerd om samen met drie anderen vooraan te gaan staan. De witte vlaggen wapperen en opnieuw zijn we vertrokken. De benen moeten nog opwarmen. Om me heen zoemt een drone die blijft volgen. De drie man op kop starten na een kilometer met een versnelling. In het bos kan ik ze amper zien. In mijn rug voel ik de aanwezigheid van anderen. Ik loop langs de oever. Minder grote rotsen dus een iets vlakker pad in vergelijking met eergisteren. De snelheid neemt toe en na vijf kilometer draait het pad weg van het meer. Nog een kilometer verder kom ik uit het bos en kijk ik tegen een berg aan.

Eerst lage bosjes, dan gras, vervolgens losse kiezels en rotsen. Rechts is een flink sneeuwveld te zien. Het lopen wordt intensiever naarmate de hoogte en hellingshoek toeneemt. Verrassend genoeg zie ik twee man voor me lopen. De afstand wordt kleiner. Ik hoor m’n ademhaling, voel de zweetdruppels van m’n hoofd glijden. Het wordt te steil om te rennen. Lopend ga ik verder. Intensief naar boven lopen tot aan de volgende richel. Vanaf daar wordt het iets vlakker en start ik opnieuw met lopen. Ik kijk om en zie achter me twee man op de steile helling rap naar boven klauteren. De persoon voor me haal ik bij. We lopen samen en na verloop van tijd hoor ik een oerkreet achter me. Ik zie hem staan met zijn handen in de lucht. Het uitzicht is onbeschrijflijk. We kijken uit over de meren, de bossen. We zien niet alleen de bergen, we ruiken, voelen en ervaren ze. Een melodie van Lord of the Rings met betrekking tot de hobbits speelt in mijn hoofd. We lopen verder tot dat de helling afvlakt. Springen over een aantal bergstroompjes en ik zie vervolgens in de verte een helikopter staan. Even pauze na 15 kilometer. Een glas water en door.

De afdaling

Vanaf hier start de afdaling. Een prachtig glooiend pad met weinig rotsen zorgt er voor dat we snelheid kunnen maken. Het glooiende pad wordt steiler. Ik schaaf met m’n schenen langs bosjes en tik af en toe een rots aan. Vervolgens hebben de drie man achter me me volledig bijgehaald. Het gedreun en geroffel van de voetstappen achter me zorgen voor een opgejaagd gevoel. Ik kijk schuin achter me, raak een rots en verlies mijn balans. Vervolgens duik ik voorover van het pad. Ik voel de bosjes waar ik in beland, maak een soort van koprol en lig stil. Drie mannen stoppen om te checken of ik in orde ben. Ik roep dat ze kunnen doorlopen. Voel wat schaafplekken, maar spring ook op om verder af te dalen. De anderen denderen door. Ik zie ze uit het zicht verdwijnen op het moment dat de begroeiing toe neemt. Ik probeer te eten en merk dat de afstand impact gaat hebben. Hoe lang ga ik dit nog volhouden. M’n handpalm prikt en bloedt. Mijn rechter scheenbeen is besmeurd met stof, aarde. Als contrast zie ik een bloedende snee. En door.

Hoe lang ga ik dit nog volhouden. M’n handpalm prikt en bloedt

Het wordt vlakker, maar absoluut niet makkelijker. Boomwortels in combinatie met overal rotsen en bosjes waar ik me doorheen worstel. Stap voor stap. Verder en verder. Ik loop een hele periode alleen. Langs meren met hoog gras er omheen, kleine berkenboompjes met uitstekende takken. Dit keer geen muziek in m’n hoofd, maar een stem. De stem trekt m’n tempo omlaag terwijl ik verder wil. Ik raak in een soort van discussie en besef dat ik een stuk aan het wandelen ben. Opnieuw zet ik aan en begin te rennen. De echte kracht is weg, maar ik wil niet wandelen. De motoriek neemt af en ik kom met m’n voeten een aantal keer hard tegen rotsen.

Ik spring over stroompjes en steek vervolgens een hangbrug over. Ik zal nu toch wel in de buurt komen. Opnieuw komt de stem in m’n hoofd. Wegduwen, focussen, ieder stapje helpt. Achter me hoor ik geritsel en een man met een blauw shirt komt voorbij. Aanzetten, kom op, aanzetten. Het gaat te snel. Eigen tempo, maar blijven rennen. Iedere meter is er een. Opgeteld vormen ze kilometers en na 31 kilometer zie ik een huisje. Een laatste helling en de finish is in zicht. Handen omhoog, gehaald.

Het zit erop

Mijn benen zitten onder de schrammen en vuil. Op mijn gezicht zit aarde en een flinke zoutlaag. In de verte hoor ik opnieuw het geluid van een helikopter. Even bijkomen en beseffen wat ik heb gedaan. Dit waren voor mij de eerste trailruns in mijn leven. Het gebrom van de motoren neemt toe, ik voel de grond onder me verdwijnen.

Ik vlieg. Ik vlieg door de natuur. Het oogt zo vredig, zo mooi. Ik zie rendieren en elanden lopen. De helikopter draait en vliegt vervolgens over een meer. Ik proef zout langs m’n lippen en besef dat er een traan uit m’n oog loopt. Van de wind door het raampje dat ik heb open gezet, de inspanning, flarden willekeurige gedachtes of het besef dat ik drie dagen in een soort filmset zonder filter heb geleefd. Dan is het besef om terug te gaan naar het normale leven, afscheid te nemen van de mensen die ik ontmoet heb. Iets om nog even niet bij stil te staan, maar vooral het besef dat ik me gelukkig mag prijzen om dit soort dingen mee te maken en te ervaren.

VIDEO ARTIC CIRCLE TRAILS

Dit was de eerste editie van deze reis. Mocht je meer informatie zoeken kijk dan op www.arcticcircletrails.org.

Advertentie
Roandreizen van Pharos Reizen

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Plaats je reactie
Vul hier je naam in