Vol spanning hees ik de backpack van acht kilo op mijn rug. Ik had heel veel zin om het bos in te lopen, maar ik voelde ook twijfels. Ik stond op het punt om 78 kilometer met een backpack te lopen. Zou ik dat wel kunnen? Gelukkig ging mijn vriend Bas met me mee op dit avontuur. Bas had behoorlijk wat ervaring met hiken en hij had deze trail uitgekozen voor mij. ‘De perfecte trail voor beginners’, had hij gezegd. Ik volgde Bas naar het wit-groene teken op een boom en zette de eerste stap op de Entre Lesse et Lomme.

Mijn naam is Moniek. Een aantal jaar geleden heb ik mijn liefde voor hiken, klimmen en reizen ontdekt. Inmiddels trek in een camper door Europa en is elke dag een avontuur. Ik neem jullie in dit artikel mee op mijn eerste meerdaagse trektocht: de Entre Lesse et Lomme in de Belgische Ardennen.

Entre Lesse et Lomme is een meerdaagse wandeling tussen Lesse en Lomme, twee rivieren in de Belgische Ardennen. Deze hike is 78 km lang met 2630 hoogtemeters. De paden leiden grotendeels door de bossen en vermijden zo veel mogelijk de bewoonde wereld. Je loopt vooral over kleine bospaden die soms rotsachtig of wat modderig kunnen zijn. De trail is een aaneengesloten trail, waardoor je dus eindigt op je beginpunt. Je kunt de trail in 3 of in 4 dagen lopen. Wij liepen de trail in 4 etappes:

Etappe 1: 15 km. Van de parkeerplaats bij voormalig hotel-restaurant Ry des Glands naar bivakzone Biolin.
Etappe 2: 23 km. Van bivakzone Biolin naar het zuiden, naar bivakzone Bané.
Etappe 3: 28 km. Van bivakzone Bané naar het noordwesten, naar bivakzone Lesse.
Etappe 4: 12 km. Van bivakzone Lesse naar het noorden, terug naar de parkeerplaats van Ry des Glands. 

Wildkamperen is verboden, maar je kan overnachten op bivakzones. Dit zijn kampeerplekken zonder voorzieningen. Meestal is een bivakzone een open veld in een bos, met een hut om in te schuilen en plekken waar je een vuur kan maken. Je kunt bivakzones zien als plekken waar je legaal mag wildkamperen. Laat geen afval achter en veroorzaak geen overlast voor andere hikers. Hier komen mensen om in alle rust te genieten van de natuur. 

Etappe 1: Oranje kleuren en wilde zwijnen

Het was oktober en de herfstkleuren in de Belgische Ardennen waren adembenemend mooi. Het bos was rood, geel en oranje. Als een windvlaag opstak, regenden bladeren naar beneden. De zon scheen door de bomen en het was een graad of 15. Een perfecte dag om te wandelen.

Wandelpad door het bos op de Entre Lesse et Lomme

Nog niet zo heel lang geleden was ik begonnen met hiken. De lichtgewicht uitrusting van mijn vriend en de vele ervaringen die hij met zijn backpack had beleefd fascineerden me. Hoe konden al die kampeerspullen samen nou maar acht kilo wegen? Ik was zelf ook lichtgewicht spullen gaan verzamelen en het was tijd dat ik ze eens ging testen. Hoe kon dat beter dan op deze vierdaagse trail, de Entre Lesse et Lomme?

We parkeerden de auto bij voormalig hotel-restaurant Ry des Glands, pakten onze rugzakken en liepen naar het beginpunt van de trail. De uren die daarop volgden zigzagden we over de kronkelige paadjes in de beekvallei, kwamen we langs dennenplantages en liepen we over brede paden tussen oranje gekleurde bomen.

Zo nu en dan zagen we borden met afbeeldingen van mannen met geweren. Eronder stonden een hoop cijfers. ‘We lopen de trail in het jachtseizoen,’ legde Bas uit. ‘Er is een kans dat we niet de hele trail kunnen doen. Als de jagers ergens bezig zijn, moeten we een stuk omlopen. Ze geven gelukkig goed aan op de borden wanneer er gejaagd wordt.’

Elke keer als we langs een jagersbord kwamen, controleerden we of we veilig door konden lopen. Ik vroeg me af waarop de jagers jaagden. Die vraag bleef niet lang onbeantwoord. Bas bleef plotseling stilstaan en hield me tegen. Ik staarde in de verte, op zoek naar wat Bas had gezien. Tussen de bomen bewoog iets. Een wild zwijn! Er kwam een tweede zwijn tevoorschijn… en een derde… en een vierde… totdat er een groep van wel twintig zwijnen op de trail voor ons stond. Ze duwden hun snuiten in de grond en maakten onderling ruzie.

‘Wat moeten we doen?’ vroeg ik aan Bas. Ik vond het schitterend om de dieren te zien, maar tegelijkertijd was ik bang. Ik had nog nooit zo veel wilde zwijnen gezien. Bas zei dat we geluid moesten maken, om ze te laten horen dat we er waren. Hij begon met zijn wandelstokken tegen elkaar te tikken en ik deed met hem mee. De dieren – die ons blijkbaar niet eens hadden gezien – schrokken en renden hard weg. De uren die hierop volgden zagen we veel zwijnensporen. Het was duidelijk dat er een overschot aan zwijnen was hier.

We liepen verder door tunnels van oranje bladeren en legden wat hoogteverschillen af. Mijn Limburgse benen hadden hier geen moeite mee en ook mijn schouders bleken de acht kilo backpack goed te kunnen dragen. Toen de zon begon te zakken, kwamen we aan op onze eerste bivakzone: een groot open veld in het bos, met in het midden een houten schuilhut.

We hadden de hele dag niemand gezien en ook hier waren we helemaal alleen. We zetten de Z-packs tent op aan de rand van de bivakzone en haalden onze lichtgewicht kookspulletjes tevoorschijn. Onder een heldere sterrenhemel aten we pasta uit een zak. Nog een theetje voor het slapen en toen doken we de tent in.

Bas viel vrijwel onmiddellijk in slaap, maar ik moest nog even wennen aan mijn gloednieuwe ThermaRest slaapmatje en mijn donzen slaapzak. Ik had het verassend warm en het matje lag comfortabeler dan ik had verwacht. Ik viel bijna in slaap toen ik plotseling geluiden hoorde rondom de tent. Voetstappen? Meerdere voetstappen? Er liepen dieren in de buurt. De geluiden kwamen steeds dichterbij en uiteindelijk was de tent omsingeld door dieren. Ik probeerde niet in paniek te raken. ‘Ze doen niks,’ zei ik alsmaar tegen mezelf. Maar toen een paar meter van de tent een dier begon te grommen, hield ik de paniek niet meer in de hand.

Er liepen dieren in de buurt. De geluiden kwamen steeds dichterbij en uiteindelijk was de tent omsingeld door dieren. Ik probeerde niet in paniek te raken. ‘Ze doen niks,’ zei ik alsmaar tegen mezelf. Maar toen een paar meter van de tent een dier begon te grommen, hield ik de paniek niet meer in de hand.

Ik schoot overeind en maakte Bas wakker. ‘Er zijn allemaal dieren! Luister! Luister! Wat moeten we doen?’ vroeg ik een tikje hysterisch. Bas ging rechtop zitten en moest om me lachen. ‘Dat zijn gewoon zwijnen, gekkie,’ zei hij. Dat stelde me niet gerust. ‘Maar ze zitten rondom de tent,’ riep ik uit. ‘Ach,’ zei Bas, ‘die dieren doen niks. Die gaan zo wel weg.’

Bas hield me vast terwijl we samen luisterden naar de zwijnen. De geluiden klonken steeds zachter, totdat ze verdwenen. Die avond hoorde ik meerdere dieren in het bos. Ik wilde Bas niet nog eens wakker maken, dus lag ik stilletjes te luisteren hoe de dieren de tent passeerden. Uiteindelijk viel ik in slaap.

Etappe 2: Een bijzondere ontmoeting

Na een onrustige nacht werden we wakker door het eerste ochtendlicht. Het was 23 km lopen naar de volgende bivakzone, dus we wilden vroeg beginnen met lopen. Bas zette koffie en thee terwijl ik de tent inpakte. Toen we klaar waren voor vertrek, wierp de zon lange banen van licht op de bivakzone. Het was wonderlijk om te zien. Het uur dat daarop volgde weden we verwend met prachtige lichtinval die het bos sprookjesachtig liet uitzien.

In de ochtend schijnt de zon door de bomen op de Entre Lesse et Lomme.

Net zoals de dag ervoor liepen we over slingerende bospaden door oranje gekleurde bossen en dennenplantages. Ik begon in een ritme te komen en we legden vrij snel de eerste kilometers af. Omdat de trail weinig langs dorpen en zo veel mogelijk door het bos liep, kreeg ik het gevoel ver weg te zijn van de bewoonde wereld. Het lopen was rustgevend. De paden waren goed aangegeven met de wit-groene richtingaanwijzers op de bomen. We liepen veel in de buurt van rivieren en stroompjes, waardoor we met onze waterfilter bijna altijd wel drinkwater konden pakken.

Na 23 kilometer lopen moest ik toch wel toegeven dat ik moe was. Mijn benen voelden zwaar en omdat ik niet heel goed had geslapen was ik moe. Ik was blij toen we het bos uitliepen en eindje verderop de bivakzone zagen liggen. De teleurstelling was groot toen we een wit bord met rode letters voor de ingang zagen staan: ‘JACHT. VOOR UW VEILIGHEID, IS DIT BIVAAKZONE GESLOTEN.’ We mochten hier niet blijven. Maar… waar dan wel? De bivakzones waren de enige plekken waar je mocht kamperen. We zochten online naar een B&B, maar de dag liep al ten einde en we konden geen vrije plek meer vinden.

Bas bedacht de oplossing: we gingen bij mensen aanbellen en vragen of we in hun tuin mochten kamperen. Met onze zware benen liepen we naar het dorp Ochamps. Wat vond ik het spannend om bij mensen aan te bellen. Het eerste huis dat we zagen was een groot, wit gebouw met een strak gemaaide voortuin. Nee, hier ging ik niet aanbellen. Uiteindelijk belden we aan bij een oud, vervallen huis met een onverzorgde tuin. We wachtten bij de voordeur, maar kregen geen gehoor. Net toen we wegliepen, deed een oude man de deur open. Hij was slecht ter been en zag er mager uit.

Uiteindelijk belden we aan bij een oud, vervallen huis met een onverzorgde tuin. We wachtten bij de voordeur, maar kregen geen gehoor. Net toen we wegliepen, deed een oude man de deur open. Hij was slecht ter been en zag er mager uit.

Bas liep terug naar man en probeerde op zijn beste Frans met hem te communiceren. Ik sprak geen woord Frans en keek maar wat toe. Uiteindelijk leken de twee mannen eruit. ‘We mogen niet in de tuin de tent opzetten, maar we kunnen op zijn logeerkamer slapen,’ legde Bas uit. Ik was verwonderd over de gastvrijheid van de man. De man stelde zichzelf voor als Richard en strompelde zijn huis in. Hij bleek nauwelijks te kunnen lopen en zijn huis was rommelig.

Zijn poetsvrouw kwam één keer per week, maar verder woonde hij hier alleen. Richard vroeg of we mee wilden eten. Met gebaren dirigeerde hij ons naar de kasten waar we eten konden pakken: de tostimachine, frituur, friet, sauzen, drie flinke koteletten, borden en bestek. De koteletten moesten in de tostimachine. Echt waar, ik had nog nooit zo’n lekkere kotelet gehad.

Richard kletste erop los en stelde ons honderden vragen. Hij sprak alleen Frans, wat betekende dat ik vaak geen idee had waar hij het over had. Wat in elk geval wel duidelijk was, was dat hij het geweldig vond dat we er waren. Door zijn handicap kon hij nauwelijks bewegen en hij had niemand die voor hem zorgde. Onze gezelschap en hulp was meer dan welkom. Dat juist deze man ons een bed, een douche en een warme maaltijd aanbood was hartverwarmend. Die nacht was het koud en ik was ontzettend dankbaar dat we in Richards logeerkamer mochten slapen.

Etappe 3: Duct tape voeten

Wat was het fijn om de dag te beginnen met een warme douche! Door de gastvrijheid van Richard verschenen we helemaal schoon aan de keukentafel, waar Richard ons brood met honing als ontbijt voorschotelde. We bedankten hem door de afwas te doen, pakten daarna onze spullen en vrolijk zwaaiend verlieten we Richards huis. Vandaag hadden zouden we eigenlijk 28 km moeten lopen, maar omdat we gisteren al naar het dorp waren gelopen waren dit er een paar minder.

Helaas maakten we dit weer goed door die dag twee keer compleet de verkeerde kant op te lopen. ‘Ik heb al een tijdje geen bordjes meer gezien, jij wel?’ vroeg ik dan aan Bas. De trail stond goed aangegeven, dus het verdwaald raken was te wijten aan ons geklets. We liepen we nog een eindje door in de hoop bordjes te vinden. Uiteindelijk moesten we twee kilometer terug lopen, een heuvel omhoog.

Deze etappe bevatte meer hoogteverschillen, waardoor we wat langzamer liepen dan de dag ervoor. Desondanks was de natuur nog steeds prachtig om te zien. Er blies een zachte wind, waardoor we regelmatig bedolven werden onder gele en oranje bladeren. Overal zagen we paddenstoelen en kleine insecten. We waren nog steeds niemand tegengekomen en we leken het bos voor ons alleen te hebben.

Na een kilometer of twintig begon ik pijn aan mijn voeten te krijgen. Dat zou wel vanzelf over gaan, dacht ik. Maar de steken onder mijn voeten werden steeds erger. Ik moest toch maar even kijken wat er aan de hand was. Ik plofte neer op een boomstam en trok mijn trailrunners en natte sokken uit. Mijn voet was helemaal wit uitgeslagen en er zaten diepe groeven in.

Het had niet geregend afgelopen dagen, maar door de modderige paden en de dauw op het gras waren mijn voeten toch nat geworden. Ik had maar twee paar sokken bij me en die waren allebei nat. Dit resulteerde in doorweekte voeten met pijnlijk diepe groeven.

Ik liet mijn voeten een tijdje drogen in de zon en probeerde te bedenken hoe ik kon voorkomen dat mijn voeten weer zo nat zouden worden. Betere sokken kopen, maar dat zou op dat moment niet lukken. Zoals zo vaak kwam Bas met de oplossing: ‘Plak duct tape op de plekken waar je voeten groeven krijgen.

’We pulkten wat duct tape van onze wandelstokken af, die we altijd voor noodgevallen erop hadden zitten. Toen mijn voeten opgedroogd waren, plakten we de duct tape erop. Natte sok erover, trailrunner aan en weer gaan. Tot mijn verbazing werkte het! Ik kon helemaal naar de bivakzone lopen zonder last van mijn voeten te krijgen.

Wederom waren we alleen bij de bivakzone en wederom aten we pasta uit een pakje. Ik rende rond om hout te verzamelen voor een vuurtje, zodat ik mijn natte sokken kon drogen. Ik bouwde een piramidevorm met kleine houtjes in het midden. Net toen het hout begon te branden, vielen dikke druppels uit de lucht. Het vuur doofde en Bas en ik kropen onze tent in. Mijn sokken zouden niet gaan drogen die nacht.

Etappe 4: Regen

We werden wakker in de regen. Bas kookte vanuit de tent water voor koffie en thee. In onze Patagonia regenjassen pakten we zo snel mogelijk alles in en begonnen we aan de laatste twaalf kilometer van de Entre Lesse et Lomme. De regen viel met bakken uit de lucht en al snel waren we helemaal doorweekt. De paden waren veranderd in poelen modder. Gelukkig was dit een makkelijk deel van de trail, met weinig hoogteverschillen en veel rechte stukken die langs de rivier Lesse liepen.

Ik had verwacht dat na drie dagen lopen ik vermoeid zou zijn, maar niets was minder waar. Mijn benen hadden zich snel aangepast aan het lopen met een backpack. Het meeste eten was op, waardoor de backpack ook een stuk lichter was dan aan het begin van de tocht. Ik voelde me fit en na drie dagen lopen in het bos was het rustig in mijn hoofd. Ondanks dat ik het lopen van deze trail erg leuk vond, verheugde ik me op het moment dat we de auto zouden bereiken. Ik had doge kleren en droge schoenen in de auto liggen en ik verheugde me erop om deze aan te trekken.

Uiteindelijk passeerden we na een aantal uur lopen het laatste bordje van de Entre Lesse et Lomme. Toen we op de parkeerplek aankwamen feliciteerde Bas me. Ik had mijn eerste meerdaagse trektocht gelopen. En wat was het een ervaring! Ik had voor het eerst tussen wilde dieren geslapen, ik had aangebeld bij een willekeurig huis en de gastvrijheid van een onbekende ervaren, ik had rust gevonden in het lopen en ik had 78 kilometer met een backpack afgelegd.

De Entre Lesse et Lomme zou ik aan iedereen aanraden die houdt van lopen in de natuur, die wil ervaren hoe het is om in het bos te slapen of die zijn/haar eerste meerdaagse trektocht wil maken. De bivakplekken waren schoon, de trail was goed aangegeven en de paden waren vrij gemakkelijk te bewandelen. Zoals Bas al zei: een perfecte trail voor beginners!


Lees hier meer verhalen over outdoor in België en kijk ook eens op outdoordichtbij.nl voor nog meer natuurlijke inspiratie

Klik hier voor bijzonder mooie rondreizen door Noorwegen


 

 

5 Reactie op “Entre Lesse et Lomme, een vierdaagse trektocht in de Ardennen”

  • Ben Corstens
    6 januari 2023 at 14:48

    Tofffe tocht en leuk verhaal.

    Graag meer info over jullie materiaal.

    Groeten
    Ben.

  • Mg Ubben
    23 december 2022 at 18:52

    Geweldig en talentvol van Moniek top

  • Annemie Hermans
    23 december 2022 at 10:11

    Prachtig geschreven en geweldige foto’s!

  • Bert
    22 december 2022 at 19:00

    Prachtig, Moniek. Trots op je. Mooi verslag en natuurlijk: prachtige foto’s.

  • Jan-Willem Boer
    21 december 2022 at 20:40

    Leuk geschreven Moniek, lijkt me een mooie trail!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

 

Val d'Aosta

Wintersport in Valle d’Aosta

Het bergdecor van Valle d’Aosta in Noord-Italië is adembenemend. Het dal wordt omringd door de hoogste toppen, door de Mont Blanc, de Monte Cervino, de Monte Rosa. Skiën tot 3000 meter en zelfs hoger betekent sneeuwzekerheid tot eind april. Lees hier de reistips en reisverhalen. Lees meer

BBI Travel

Voordelige reizen door Noorwegen

Ongerept Noorwegen beleef je met BBI Travel. In Noorwegen ervaar je spectaculair natuurschoon en levendige dorpjes. Tijdens jouw rondreis verblijf je in gemoedelijke hotels en pensions. Boek jouw rondreis via BBI Travel en verzeker jezelf van een vakantie om nooit te vergeten. Lees meer

Voigt Travel

Van de gebaande paden in IJsland

Ontdek het echte IJsland met Voigt Travel. Samen met lokale gidsen beleef je unieke excursies. Je slaapt in kleinschalige hotels en lodges. Zo ontdek je met alle aandacht de ongebaande paden van IJsland. Bekijk de reizen!

Lees meer